4.154
88

Natuurkundige

Jelmer Renema is natuurkundige. Sinds 2011 is hij promovendus natuurkunde aan de universiteit Leiden, in de quantumoptica. Verder is hij politiek actief binnen de Partij van de Arbeid, Hij schrijft over de politiek van de VS, het neoliberalisme en conservatisme in Nederland en wetenschapsbeleid.

De vechtmaatschappij

'Hertzberger is de nieuwe Marie Antoinette: als het volk niet kan sparen, laat het dan beleggen'

Heeft u aan het eind van de maand ook moeite om rond te komen? Bent u blij als u wat geld opzij kunt zetten, om te sparen voor een grote uitgave? Houdt u de hand op de knip omdat u niet weet wat er gaat komen? Dan bent u verkwistend en onverantwoordelijk, ongedisciplineerd en slap gemaakt door een betuttelende overheid. Was getekend, Rosanne Hertzberger, columnist voor NRC (26-4). Minachting voor de gewone man, voor zijn problemen en zijn zorgen, is een essentieel onderdeel van het rechtse verhaal. Rechts wil een vechtmaatschappij, waarin we met z’n allen ten onder gaan aan onderlinge strijd, zodat een kleine groep er met de poet vandoor kan gaan.

Van de redenering die Hertzberger ons voorlegt, klopt helemaal niets. Het lukrake voorstel om ‘voor de verandering’ eens naar de rijkste 60 procent te kijken in plaats van naar de rijkste 1 procent, is ongeveer net zo dom als zeggen dat muizen in je keuken geen probleem zijn omdat ze niet in de rest van je huis zitten. Het probleem zit niet bij de rijkste 60 procent, daaronder vallen heel veel mensen die gewoon een goede baan hebben en fatsoenlijk spaargeld opbouwen. Het probleem is de rijkste 1 procent, die manieren gevonden heeft om structureel geld af te tappen van de rest van de economie. Dan gaat het dus ook niet meer – zoals Hertzberger schijnt te denken – over de vraag wie welke auto voor de deur heeft staan: het nieuwe graaien is voor een groot deel onzichtbaar.

Machtsgreep
Onder de 1 procent vallen weinig beroepen waarvan we het redelijk zouden vinden dat ze veel verdienen: laten we zeggen luchtverkeersleider of huisarts. De groep bestaat voor een flink deel uit het topmanagement van multinationals – het zijn dus niet eens de ondernemers die het oorspronkelijke risico liepen – die voor zichzelf steeds hogere beloningen geregeld hebben. Tegelijkertijd is bekend dat een onderneming niet beter gaat presteren als het management nog hogere salarissen uitbetaald krijgt. Er is dus sprake van een machtsgreep, waarbij beloning niet meer in verhouding staat tot de geleverde prestaties.

Deze 1 procent is voor de gewone man, hoe netjes hij z’n zaakjes ook regelt, volstrekt onbereikbaar geworden. Laat ik een voor Hertzberger gunstig geval bekijken: mezelf. Ik heb een modaal inkomen, geen zorgkosten, en ik hoef niemand te onderhouden. Kortom, ik hoef niet te klagen. Als ik een tiende van mijn inkomen spaar (wat een realistische vuistregel is), duurt het bijna een decennium voordat ik tot de vermogendste helft van Nederland behoor. Als we er vanuit gaan dat er tussendoor nog wat onverwachte tegenslagen zijn (en dat is het hele punt van een spaarrekening) dan zal het eerder twintig jaar zijn. En dan ben ik er nog niet: de vermogensverdeling in Nederland is zo scheef dat ik – zelfs als ik de top van mijn vakgebied bereik – geen kans maak om ook maar in de buurt van de top te komen.

Holle leugen
Kortom, ook de gemiddelde Nederlander die zich verantwoordelijk gedraagt, kan nooit tot de 1 procent gaan behoren. Als je je hele leven modaal verdient, moet je flink sparen om tot de bedragen te komen waar Hertzberger over schampert. De hele gedachte dat lidmaatschap van het clubje rijken een beloning voor goed gedrag is, is een holle leugen.

Rechts houdt ervan om economische problemen in morele termen te formuleren, want dat leidt zo lekker de aandacht af van de structurele ongelijkheid en de structurele verschillen in mogelijkheden die ook in Nederland bepalen hoe ver je komt. De Financial Times (nog zo’n marxistisch bolwerk, bevolkt door van die vervelende intellectuelen) noemde ongelijkheid al de nieuwe apartheid: hoe ver je komt, hangt af van waar je geboren bent.

Sparen is voor watjes
Het punt is niet alleen dat rechts de zwakkeren minacht, het is ook dat rechts iedereen zwak noemt die niet vecht. Dat wordt nog eens duidelijk gemaakt door de suggestie van Hertzberger dat de armen hun geld maar hadden moeten beleggen, als ze meer hadden willen bezitten. Alleen geld dat door strijd verworven is, is legitiem veroverd. Sparen is voor watjes. Terwijl het lijk van de crisis nog niet koud is stelt Hertzberger voor dat we alvast beginnen met het opbouwen van de volgende. Alleen iemand die blind gelooft in de vechtmaatschappij zou zo’n suggestie doen. Hertzberger is de nieuwe Marie Antoinette: als het volk niet kan sparen, laat het dan beleggen.

Dat laat ook gelijk zien dat zodra de rijken klaar zijn met het uitkauwen van de armen, de middenklasse aan de beurt zal zijn. Immers, die vechten ook niet. We moeten onder ogen zien hoe de rijken en hun spreekbuizen kijken naar ons, gewone mensen, die worstelen met het dagelijks leven. Wilt u fatsoenlijk werk, met ruimte voor uw gezin? U bent zwak! Wilt u dat uw kinderen naar de universiteit kunnen? U bent afhankelijk! Wilt u aan het eind van de dag niet als een zombie ineen storten? U bent lui!

Verwerp hun moraliserende prietpraat en breek de macht van dit soort figuren! Ze minachten u en u bent hen niets verschuldigd. Hertzberger maakt nivelleren werkelijk een feest.

Geef een reactie

Laatste reacties (88)