Laatste update 03 augustus 2016, 00:46
13.114
130

Twitteraar en meninkjeshebber

Schrijft normaal gesproken over American Football maar vindt progressieve zaken ook belangrijk.

De geschiedvervalsing van Thierry Baudet en Geerten Waling

Blijkbaar schiet de recente aandacht voor het Nederlandse slavernijverleden bij veel mensen in het verkeerde keelgat

Thierry Baudet vond het blijkbaar prachtig, om vlak na zijn Donald Trump-aanbidding trots op de foto te gaan met ene James Ronald Kennedy en diens boekje, The South Was Right. Historicus en Elsevier-columnist Geerten Waling deed een een aardige poging tot carrièrezelfmoord door erbij te gaan staan. Kennedy is namelijk niet zo maar een auteur: hij is, samen met zijn broer, oprichter van de ultraconservatieve afscheidingsbeweging League of the South. De twee schreven samen verschillende boeken met één thema: de Amerikaanse burgeroorlog die zo’n vier miljoen mensen uit slavernij bevrijdde, was een bloedige en tirannieke fout, en daarom moet het Zuiden zich opnieuw afscheiden.

Hoe het niet moet
Baudet, zelfbenoemd intellectueel, noemt het een “prikkelende contralezing”, een mooi eufemisme voor pure geschiedvervalsing. De twee broers bedrijven een afgedankte vorm van geschiedschrijving die door de academische literatuur vooral wordt aangehaald als voorbeeld van hoe het niet moet. Het Southern Poverty Law Center, gespecialiseerd in racisme en discriminatie in de VS, karakteriseert ze als leiders van een neoconfederate haatgroepering. Saillant detail: er zijn ook extreme racisten die de Kennedys niets vinden, omdat The South was Right het racistische karakter van de zuidelijke staten minimaliseert. Vergelijk het met neo-nazi’s die boos zijn op holocaustontkenners, omdat de neo-nazi’s juist trots op genocide zijn.

De Kennedy’s creëeren een idyllisch plaatje van het Zuiden, eentje waarin slavernij een bijzaak was, waarin zwarte en witte mensen harmonieus en tevreden naast elkaar leefden, waarin het Zuiden prat ging op individuele vrijheid, waarin er geen sprake was van onderdrukking. Volgens hen zou deze harmonieuze samenwerking uiteindelijk tot de vreedzame afschaffing van slavernij hebben geleid, als het Noorden de zuidelijke staten gewoon hun eigen weg had laten gaan. In werkelijkheid waren de economie en samenleving van de zuidelijke staten volledig gebaseerd op slavernij, en kwamen de zuidelijke staten juist in opstand om dat instituut te beschermen en zelfs uit te breiden.

Het Afrikaanse ras
South Carolina beweerde in haar afscheidingsverklaring dat het einde van de slavernij “destructief voor haar geloof en veiligheid” zou zijn. Louisiana schreef dat “de mensen van de slavenhoudende staten gebonden worden door de noodzaak en vasthoudendheid om Afrikaanse slavernij te behouden”. Texas was nog duidelijker: de zuidelijke staten zouden opgericht zijn “door het witte ras, om hen en hun afstammelingen te dienen”, mensen die “het Afrikaanse ras [..] terecht als minderwaardig en afhankelijk zagen”. Verschillende planters maakten plannen om Cuba, Mexico of andere landen binnen te vallen en onderdeel van een steeds groter wordende slavenstaat te maken. De zuidelijke staten waren niet bezig met de langzame afschaffing van slavernij, zij zagen de gewelddadige onderdrukking van zwarte mensen als de basis van hun ideale maatschappij.

Het Zuiden offerde daar uiteindelijk honderdduizenden soldaten voor op, gelukkig tevergeefs. De daaropvolgende emancipatie van zwarte Amerikanen werd zo ondraaglijk voor het Zuiden, dat de witte bevolking onmiddellijk een succesvolle terreurcampagne begon om de zwarte medemens te reduceren tot tweederangs burger. Daar komt de oorspronkelijke Ku Klux Klan vandaan. Omdat de Kennedy’s het ideologische en economische belang van slavernij minimaliseren, kunnen zij ook deze terreur loskoppelen van racisme: het was in hun ogen vooral een rancuneuze actie van witte zuiderlingen die het geweld van het Noorden niet konden verdragen.

Slaaf
Waling, een historicus die blijkbaar amateuristische geschiedvervalsing prefereert boven professionele historie, reduceert dit verhaal tot “states’ rights”, het recht van staten om zonder inmenging van de federale overheid wetten te schrijven. Hij vergeet te specificeren om welk recht het precies gaat: juist, het recht om zwarte mensen tot slaaf te maken en op andere manieren te onderdrukken. Het zuiden zou overigens een bijzonder korte liefdesverhouding met deze zogenaamd principiële kwestie hebben gehad: nog geen vier jaar voor de burgeroorlog gebruikten ze het federale rechtssysteem om zwarte mensen burgerschap te ontzeggen in de gehele Verenigde Staten, en zeven jaar daarvoor duwden de zuidelijke staten een wet door het nationale congres die noordelijke staten dwong om vluchtende tot slaaf gemaakten naar zuidelijke slavendrijvers te verschepen. Het Zuiden had geen enkel probleem met federale macht, zolang het slavernij steunde – een feit dat Waling en Baudet hadden gekend als ze een keer een echt geschiedenisboek over de Amerikaanse burgeroorlog hadden opengeslagen.

Dat deze geschiedvervalsing een bepaalde aantrekkingskracht onder de witte, zuidelijke bevolking van de Verenigde Staten heeft, is makkelijk te verklaren: mensen vinden het meestal niet leuk om hun voorouders als racistische slavendrijvers te zien. Dat Nederlanders als Baudet en Waling ook met de Kennedy’s dwepen is misschien iets meer verrassend. Blijkbaar schiet de recente aandacht voor het Nederlandse slavernijverleden bij veel mensen in het verkeerde keelgat.

Slavery19Mythe
Het wordt dan ook steeds populairder om, aan de hand van mythes, te doen alsof de trans-Atlantische handel in mensen niet zo’n groot punt was. Zo publiceerde het NRC eerder deze maand een lachwekkend slechte factcheck van een zo’n mythe, en concludeerde de krant dat er “meer Europese slaven in Noord-Afrika, dan zwarte slaven in de VS” waren. Een week later stond er een briefje in het NRC van historici Guido van Meersbergen en Suze Zijlstra die hier gehakt van maakten: aan de vooravond van de burgeroorlog waren er alleen al 4 miljoen tot slaaf gemaakten in de Verenigde Staten, terwijl de Noord-Afrikaanse slavernij zo’n 1 tot 1.25 miljoen Europese slachtoffers heeft gemaakt, over een periode van zo’n 250 jaar.

Dit soort a-historische onzin is vooral populair omdat het de witte onschuld beschermt, om met emeritus hoogleraar Gloria Wekker te spreken. Het is een poging om de misdaden van West Europa te vergoelijken, en altijd met het vingertje ergens anders naar te kunnen wijzen. Het is ook een manier om als het over wit daderschap gaat, het meteen weer over wit slachtofferschap te kunnen hebben. Daarom wordt er steevast naar Europese slaven verwezen, en veel minder vaak naar de miljoenen Afrikaanse slachtoffers van de trans-Saharische slavenhandel en het Ottomaanse rijk. Daarom worden de verschillen tussen de verschillende slavernijsystemen ook niet besproken.

Fluwelen handschoentjes
Dit wordt allemaal des te makkelijker gemaakt door de laffe manier waarop het Nederlandse geschiedenisonderwijs met het koloniale rijk omgaat: als het al ter sprake komt moet het, zeker op de middelbare school, met fluwelen handschoentjes behandeld worden, door vooral de ‘handel’ en ‘VOC-mentaliteit’ te benadrukken. Jan-Peter Balkenende, nota bene afgestudeerd historicus, nam die term niet voor niets in de mond. Zoals Wekker zei: ”Als [het koloniale verleden] er al was, dan gebeurde het allemaal met de beste bedoelingen en in het voordeel van alle betrokkenen.”

Voor de moderne academie is dit allemaal geen nieuws en het laatste decennium doen veel historici, zoals dr. Dienke Hondius, dr. Stephen Small en dr. Leo Balai, pogingen om de misdaden in de Nederlandse koloniale geschiedenis te confronteren. Ook zien we de laatste jaren een langzame verschuiving binnen de niet-academische geschiedschrijving. Zo schreef Reggie Baay Daar werd wat gruwelijks verricht over de onderbelichte Nederlandse handel in mensen in Azië, en kwam Ewald Vanvugt dit jaar met een overzicht van de Nederlandse koloniale misdaden in Roofstaat. Op het laatste valt nog wel wat aan te merken – Vanvugt springt vaak te lichtgelovig om met zijn bronmateriaal – maar het is in ieder geval een poging om de Nederlandse koloniale geschiedenis echt te confronteren. Daar kunnen veel zogenaamde intellectuelen nog wel wat van leren.

Geef een reactie

Laatste reacties (130)